Bloembollen
Alleen heel rijke mensen konden bloembollen kopen. Bloembollen waren ontzettend duur. Op oude landgoederen, waar oorspronkelijk de heel rijke mensen woonden of waar ze hun zomerverblijf hadden zie je wel verwilderde gewassen als sneeuwklokjes, krokussen, narcissen. Het lijkt alsof ze altijd in Nederland gebloeid hebben, maar ze zijn ooit uit het buitenland ingevoerd. We noemen ze wel stinseplanten. Ze kregen die naam omdat ze veel voorkwamen bij stinsen, wat de Friese naam is voor steenhuizen.
De bloembollen werden in de 17e eeuw door apothekers verkocht omdat de mensen dachten dat een bloembol je kon genezen wanneer je ziek was. Je had toen zogenaamde wortelsnijders. Dit waren mensen die geneeskrachtige kruiden, maar ook bolgewassen zochten in landen als Spanje en Portugal.
Hierboven zie je een prent van de gevlamde tulp, Dit type tulpen was in de 17e eeuw enorm populair. Meestal werd dat mooie gevlamde veroorzaakt doordat de tulp ziek was. Er werd heel veel geld betaald voor de bol van een mooie gestreepte tulp. Maar het volgende jaar kon je wel eens bedrogen uitkomen. Want dan kon je een heel andere bloem te zien krijgen.
Pas later is het gelukt om tulpen te kweken met een mooie tekening en in 2 kleuren die niet ziek waren. Dat mooie gevlamde zit dan in de eigenschappen van de tulp.
|