LEVENSCYCLUS VAN DE TULP
Tulpen meerdere jaren gebruiken
Als u uw tulpen duurzaam meerdere jaren wilt gebruiken is het belangrijk om eerst iets te weten van de levencyclus van de tulp.
Als u in het najaar een volwassen tulpenbol in de grond stopt, zal ze beginnen met het vormen van wortels. Als dan de winter invalt en de temperatuur omlaag gaat, gaat de bol in rust. Die koude rustperiode zorgt ervoor dat er een aantal veranderingen plaatsvindt in het hoofdgroeipunt binnenin de bol. De cellen die daar zijn aangelegd voor het nieuwe blad en de bloem gaan zich voorbereiden op het uitgroeien. Zonder een koudeperiode gebeurt dat niet en zal de bol niet goed bloeien. De koudeperiode moet minimaal 9 weken duren met een temperatuur onder de 10 °C.
De bol zal ook alleen gaan bloeien als ze voldoende groot is. Kleine bollen hebben na de oogst van het afgelopen groeiseizoen nog geen bloemknop aangelegd. In het voorjaar groeit er alleen blad uit deze bollen.
Als de temperatuur in het voorjaar omhoog gaat, beginnen de wortels naast water ook meer voedingsstoffen op te nemen. De blad- en bloemcellen in de bol gaan zich strekken. Eerst komen er enkele bladeren te voorschijn en later de bloem: de bol bloeit.
Na de bloei groeien alle bladeren volledig uit (de bolrokken zijn dan dun en vrijwel leeg). Met het blad kan de plant kooldioxide uit de lucht halen. Dat zet zij onder invloed van zonlicht om in voedingsstoffen voor de groei van een geheel nieuwe bol, met doorgaans enkele kleine er naast.
Verklisteren
Aan het eind van het groeiseizoen gaat de plant alle voedingsstoffen die zich in het blad bevinden weer terughalen. Het blad wordt geel/bruin en sterft af. De voedingsstoffen worden nu opgeslagen in een een nieuwe hoofdbol en in een aantal nieuwe bollen die uit secundaire groeipunten groeien: dat worden de klisters genoemd.
Alleen de grootste van deze nieuwe bollen zullen het volgend jaar zelf weer bloeien. De anderen hebben enkele extra groeiseizoenen nodig voordat ze groot genoeg zijn.
Bollen overhouden.
Nu u de levencyclus van de tulp kent, weet u dat u ze na de bloei niet perse hoeft weg te gooien. U kunt ook proberen de bollen over te houden. Laat de plant uitgroeien en in juli rustig afsterven. Dan haal je de bollen uit de grond. Laat de bollen rustig drogen op een luchtige, niet te warme plaats. Vervolgens kunt u ze "pellen": u haalt de klisters los van de hoofdbol. Het is aan u welke u wilt bewaren en in september weer opplant.
Vermeerdering via bestuiving en zaad.
U kunt tulpen ook via zaad vermeerderen, al zijn niet alle variëteiten daar geschikt voor. De vermeerdering via zaad is een kwestie van veel geduld. Het duurt circa 7 jaar of langer voordat een zaailing groot genoeg is om zelf te gaan bloeien.
Als de bloem bloeit, neem dan s ochtends wat stuifmeel van de ene tulp en breng dat op de stamper van de andere bloem aan. Als de bevruchting is gelukt, zal het zaadbeginsel uit gaan groeien. De plant blijft langer groen en transporteert vrijwel al zijn energie en voedingsstoffen naar het zaad. De bloembol zal dan nauwelijks groeien. In juni kan de zaaddoos worden geoogst. Droog de zaden zorgvuldig.
De beste tijd om te zaaien is een koele periode, dus in december. De zaden hebben kou nodig, maar geen strenge vorst. Als er strenge vorst verwacht wordt is het raadzaam de grond af te dekken met bijvoorbeeld droge bladeren.
In het voorjaar zullen er kleine bladeren uit het zaad groeien. Tegen het einde van mei hebben de plantjes kleine bolletjes gevormd. Die moeten worden gerooid, bewaard en in het najaar weer uitgeplant. Pas na een jaar of 7 zal de plant voor de eerste keer gaan bloeien en is het resultaat van de kruising te bewonderen
|